Je kent dat wel, ineens verschijnt er iets in je gedachten en weet je niet waar die gedachte vandaan komt. 
“Hoe kom ik daar nou zo ineens bij?”
Meestal ging er een gedachte aan vooraf die ervoor zorgde dat datgene ineens ontstaat. 
Als je dan terug gaat naar het ontstaan van die voorgaande gedachten zie je dat het een heel patroon is. Een hele route aan gedachten die afgelegd wordt.
Bijvoorbeeld; 
Morgen moet ik niet vergeten bloemen te halen voor mijn moeder..
-> waar ga ik die halen? 
-> bij die nieuwe bloemist op de hoek..
-> die zit er nog niet zolang..
-> welke mensen zitter daar eigenlijk in, van wie is die zaak? 
-> Iris, hoe zou het met Iris zijn? Want zij is net voor zichzelf begonnen..
-> ik ga Iris bellen. 
Een hele route dus. De ene gedachte creëert de volgende en de volgende en de volgende en zo ontstaat er een hele weg aan opeenvolgende gedachtes.
Het grappige hiervan is dat je dus je gedachten kunt observeren. 
Je bent dan de waarnemer van je gedachten. Alsof je achterover leunt en eens rustig kijkt wat er zoal allemaal langs komt in dat hoofd.
Nog grappiger is dat er blijkbaar iets anders is wat ervoor zorgt dat die gedachten ontstaan, wat die gedachten creëert. Want jij observeert ze. 
En als jij ze observeert kun je ze simpelweg niet creëren.
Dus wie is wie? Ben je jouw gedachten of ben je degene die ze observeert?
Een fijne bijkomstigheid is dat als je jouw gedachten niet bent, dan kun je je dus ook loskoppelen van wat zich daar allemaal in die bovenkamer afspeelt. 
Je laat je niet meer meeslepen in het drama, want dat ben jij niet.
Of ben jij het wel? 
En als je het wel bent, waarom is het dan zo moeilijk om niet-destructieve gedachten te hebben?
Waarom kun je het piekeren dan niet stoppen? 
0 antwoorden

Plaats een Reactie

Meepraten?
Draag gerust bij!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *